Op 9 april 2021 startte de Coöperatie Laatste Wil (CLW) een rechtszaak tegen de Nederlandse staat. Inzet van de actie: een einde maken aan het huidige verbod op hulp bij zelfdoding.  

In de eerdere blogs is beschreven waarom de NVVE deze rechtsgang waardeert en zelf al jaren pleit voor aanpassing van het verbod op hulp bij zelfdoding. Dit derde blog richt zich op de dagvaarding van CLWDaarin wordt de rechter gevraagd om het verbod onrechtmatig te verklaren. Welke argumenten horen daarbij? 

CLW stelt dat het verbod op hulp bij zelfdoding in strijd is met het recht op zelfbeschikking. Dit recht is niet expliciet vastgelegd in een wettelijke bepalingMaar, zo zegt CLW, dit is af te leiden uit twee andere rechten. Het eerste is het door de Hoge Raad erkende algemene persoonlijkheidsrecht en het tweede is artikel 8 van het Europees Verdrag ter bescherming van de Rechten van de Mens.  

Dit zelfbeschikkingsrecht houdt onder meer in dat een persoon het recht heeft om zelf te beslissen over zijn levenseinde. Uiteraard geldt dit recht alleen als de persoon in staat is vrijwillig en weloverwogen hiervoor te kiezen. Dit recht betreft niet alleen het levenseinde zelf, maar ook het moment en de manier waarop dit gebeurt. Ook moet deze beslissing samen met dierbaren kunnen worden genomen en worden beleefd.  

Dit zelfbeschikkingsrecht is in Nederland slechts gedeeltelijk gewaarborgd. Dit is het geval als een persoon in aanmerking komt voor euthanasie. Deze persoon kan dan zelf kiezen wanneer en hoe zijn overlijden eruit zal zien. Ook kan deze zijn dierbaren betrekken in dit proces. Personen die geen beroep kunnen of willen doen op de euthanasiewet kunnen dit zelfbeschikkingsrecht echter niet goed uitoefenen.  

Ze kunnen wel bepalen dat ze willen sterven, maar ze zijn minder vrij als het gaat om de methode en de aanwezigheid van dierbaren. Middelen die zorgen voor een humane en waardige dood mogen niet verstrekt worden. Dit is immers strafbaar als hulp bij zelfdoding. Ook het sterven in aanwezigheid van dierbaren is lastig. Strikt genomen is het niet verboden om als naaste aanwezig te zijn bij een zelfdodingMaar de scheidslijn tussen enkel aanwezig zijn (niet strafbaar) en toch ook even een potje opendraaien (wel strafbaar) is dun. Het is bovendien niet ondenkbaar dat naasten die erbij zijn gebleven sowieso worden aangemerkt als verdachteDe politie wil dan zelf onderzoeken of ze aan de goede kant van de lijn zijn geblevenDe NVVE hoort dan ook vaak dat mensen hun naasten ‘voor de zekerheid’ maar niet betrekken bij hun zelfdoding 

Het verbod op hulp bij zelfdoding kan er dus toe leiden dat een persoon geïsoleerd en eenzaam sterft. Het gebeurt vaak ook nog met behulp van riskante methodes die niet waardig zijn of gepaard gaan met geweld. Dit verbod, zo betoogt CLW, maakt het daardoor feitelijk onmogelijk om het recht op zelfbeschikking over het eigen levenseinde uit te oefenenDaarom moet dit verbod worden opgeheven of aangepast. Nederland handelt dan weer in lijn met het Europees Verdrag ter bescherming van de Rechten van de Mens en het algemeen persoonlijkheidsrecht.  

Dit was (voorlopig) de laatste blog in het drieluik over de rechtszaak van CLW tegen de staat. Lees ook deel 1 en deel 2. 


Blog: NVVE over de rechtszaak van de CLW - Deel 3
Laura-de-Vito.png

Laura De Vito
In haar blogs duidt en verheldert NVVE jurist Laura De Vito de actualiteit vanuit haar vakgebied.

Ontvang onze nieuwsbrief

De NVVE maakt gebruik van cookies

De NVVE maakt altijd gebruik van noodzakelijke cookies. Dit zijn functionele en analytische cookies om deze website beter te laten werken en om het websitebezoek te analyseren.
Onze website maakt daarnaast óók gebruik van cookies die niet noodzakelijk zijn. Het gaat om sociale media cookies en tracking cookies. Lees wat deze doen in onze cookieverklaring.