Het Duitse verbod op hulp bij zelfdoding is in strijd met de Duitse Grondwet, zo bepaalde het Duitse Bundesverfassungsgericht in Karlsruhe vorige week woensdag. Volgens dit hof hebben mensen recht op een 'zelf gekozen dood'. Zij hebben bovendien het recht daarbij de vrijwillige hulp van derden te gebruiken. Nederland zou deze uitspraak moeten aangrijpen om haar eigen verbod op hulp bij zelfdoding aan te passen. Dat schrijft de NVVE in een opiniestuk dat zaterdag is gepubliceerd in dagblad Trouw.

'Duitse uitspraak mooie aanleiding voor wetsherziening in Nederland'

Het recht om ‘zelf te bepalen hoe en wanneer te sterven’ is al erkend door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. In de zaken Pretty en Haas bepaalde het Hof dat artikel 8 (het recht op privé leven) van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) ook ingeroepen kan worden als het gaat om ‘de keus om een onwaardig en onprettig einde van het leven te vermijden’.  Het EVRM kent veel waarde toe aan persoonlijke autonomie en het daarmee samenhangende concept van zelfbeschikking.

Dit betekent niet dat een staat geen wetgeving zou mogen maken die hulp bij zelfdoding verbiedt. De staat heeft namelijk de plicht om het recht op leven te beschermen. Maar dergelijke wetgeving moet dan wel gebaseerd zijn op het beschermen van mensen die onder druk tot zo’n beslissing komen. Mensen die goed weten wat ze doen en geheel vrijwillig tot hun besluit komen, mogen niet gehinderd worden in de uitvoering van hun recht.

Het Nederlandse verbod op hulp bij zelfdoding laat géén ruimte voor hulp aan mensen die goed weten wat ze doen en geheel vrijwillig tot zelfdoding besluiten. Dat is pijnlijk duidelijk geworden in de rechtszaak tegen Albert Heringa. Dit komt doordat het Nederlandse verbod op hulp bij zelfdoding helemaal niet gebaseerd is op bescherming van mensen tegen het ontbreken van een ‘weloverwogen beslissing’. Ons verbod op hulp bij zelfdoding vindt zijn oorsprong heel ergens anders, namelijk in ‘den eerbied voor het menschelijk leven, ook tegenover hem, die voor zichzelf daaraan te kort wil doen’, een afweging uit 1886.

Het huidige artikel 294 lid 2 Wetboek van Strafrecht dient dus niet ter voorkoming van misbruik, maar is een overblijfsel uit de tijd waarin men zelfdoding op zichzelf strafwaardig vond. Het is nu aan de Nederlandse wetgever om te zorgen voor aanpassing van het verbod op hulp bij zelfdoding. Als de wetgever een achterhaalde moraal vervangt voor duidelijke regels die waarborgen dat er sprake is van een vrije wil, loopt Nederland niet alleen voorop met wetgeving, maar ook in lijn met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Lees ook de volledige Duitse uitspraak.

Ontvang onze nieuwsbrief

Deel dit item:

We gebruiken cookies en andere technieken om uw bezoek aan onze site beter en makkelijker te maken. Maar dat betekent ook dat wij en andere partijen zoals Google meer over uw internetgedrag te weten komen dan u misschien fijn vindt.
Wilt u weten wat precies, kijk dan op onze 
Privacy- en cookieverklaring. En u mag natuurlijk altijd nee zeggen tegen cookies: dan werkt de site soms wat minder goed.