Steeds meer verzoeken om levensbeëindiging worden gehonoreerd bij mensen met dementie, een psychiatrische aandoening of een stapeling van ouderdomsaandoeningen. Dat concludeert de NVVE op basis van het Jaarverslag 2016 van de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie.

Euthanasiepraktijk in Nederland is zeer zorgvuldig

Daarnaast blijkt dat de euthanasiepraktijk in Nederland zeer zorgvuldig is en zich in een overzichtelijk tempo ontwikkelt. Hiermee wordt bewezen dat de wetgeving goed functioneert en dat vrees voor ongeremde groei op dit terrein geheel ongegrond is.

Wel vraagt de stijging met 33% van het aantal meldingen van de Stichting Levenseinde Kliniek (SLK) de aandacht. De door de NVVE opgerichte SLK wil zich meer richten op de complexe verzoeken, maar wordt toch nog in toenemende mate geconfronteerd met zaken die door de huisarts of medisch specialist hadden kunnen worden behandeld.

In 2016 ontvingen de Toetsingscommissies 6091 meldingen van levensbeëindiging op verzoek of hulp bij zelfdoding, 4% van het totaal aantal overledenen in Nederland. In vergelijking met 2015 is er een toename van 575 meldingen. Een aanzienlijk deel heeft betrekking op patiënten met kanker, aandoeningen van het zenuwstelsel en hart- en vaataandoeningen. Daarnaast waren er meer patiënten die leden aan dementie (141; 32 meer dan in 2015), een psychiatrische aandoening (60; 4 meer dan in 2015) of aan een stapeling van ouderdomsaandoeningen (244; 61 meer dan in 2015).

Slechts in een zeer gering aantal zaken (0,16%) zijn de RTE tot het oordeel gekomen dat de meldende arts op onderdelen niet aan alle wettelijk bepaalde zorgvuldigheidseisen had voldaan. Ook de RTE concludeert dat artsen die met een verzoek om levensbeëindiging worden geconfronteerd, daar zorgvuldig mee omgaan.

Lees het volledige jaarverslag

Ontvang onze wekelijkse nieuwsbrief

Deel dit item: