Marijke Scheele vertelt over de euthanasie van haar man WillemJan (72). Hij vertelde haar al snel na hun kennismaking dat hij euthanasie wilde als hij dement zou worden. En zo geschiedde.

‘Toen ik WillemJan leerde kennen, ongeveer 30 jaar geleden, zei hij al vrij snel dat hij euthanasie wilde als hij dement zou worden. Zo’n 25 jaar later dacht WillemJan dat hij dement aan het worden was. Het vreemde was dat in zijn naaste familie niemand dementie had. We zijn naar de huisarts gegaan, maar die dacht dat het wel mee zou vallen. Een jaar later was WillemJan voor een project in het buitenland en kon zijn eigen schema’s niet meer uit zijn geheugen terughalen. Dat was het moment dat hij wist dat er echt iets mis was.

Een depressie

Opnieuw gingen we naar de huisarts, die hem deze keer doorstuurde naar een neuroloog. De diagnose was: een depressie. Daarvoor bezocht hij een psycholoog. Zij vroeg na een aantal behandelingen of ik mee kon komen. Tijdens dat gesprek zei ze dat verdere behandelingen zinloos waren: WillemJan wilde wel meewerken maar kon het niet. Ze wilde graag dat hij door een neuropsycholoog werd getest. Tevens regelde zij een wijkverpleegkundige voor ons. De uitslag bij de neuropsycholoog was dat WillemJan een minimal brain disease had.

Toen de wijkverpleegkundige bij ons kwam, vertelde mijn man haar dat hij erover had gedacht zich dood te rijden, maar dat hij dat voor mij niet wilde doen. Op dat moment heb ik besloten dat we lid zouden worden van de NVVE. Sinds die tijd zijn we regelmatig bij de huisarts geweest. Hij wilde meewerken aan euthanasie!

Nog wilsbekwaam

De tweede test door de neuropsycholoog wees uit dat WillemJan waarschijnlijk Lewy body dementie (LBD) had. Uit nader onderzoek bij de VU bleek die diagnose te kloppen. Intussen hadden we een casemanager en ging WillemJan eerst twee, daarna drie en tenslotte vier keer per week naar de dagbesteding. Die was echt geweldig!

Begin januari 2019 was de laatste keer dat we bij de VU voor controle waren, WillemJan was erg achteruitgegaan. Hij had veel last van hallucinaties en wanen, kon soms niet praten en was bang.
In februari hadden we een afspraak met een mevrouw van de NVVE. WillemJan kon geen woord uitbrengen en zij dacht dat het te laat voor euthanasie was. We konden wel een afspraak met de Levenseindekliniek maken.

Toevallig hadden we die middag ook een gesprek met de huisarts. We hadden er inmiddels twee, de vrouwelijke had meer ervaring met euthanasie. Nu kon WillemJan weer uit zijn woorden komen. Zij dacht dat het nog niet te laat was en stelde voor dat een geriater bij ons op bezoek zou komen. Dit was een heel fijn gesprek. Toen de geriater vroeg of WillemJan euthanasie wilde, zei hij: ja, maar niet nu. Daarop antwoordde zij dat dat niet kon. In haar verslag aan de huisarts en ons schreef de geriater dat WillemJan nog wilsbekwaam was.

Willem_Jan.jpg

Blij en ontspannen

Maandag 11 maart hadden we een familieberaad; met de huisarts, de casemanager, WillemJan’s oudste zoon, WillemJan en ik. Het ging over de euthanasie die WillemJan graag wilde. Een paar dagen later gaf de SCEN-arts er toestemming voor. Het moest wel snel omdat WillemJan anders niet meer goed zou kunnen communiceren.

De datum voor de euthanasie werd bepaald op 20 maart, om 17.00 uur. WillemJan was blij en ontspannen dat het door kon gaan. De avond ervoor zijn we met zijn kinderen naar een Indisch restaurant geweest. WillemJan heeft er erg van genoten en hield zelfs een speech, en dat terwijl hij soms geen woord kon uitbrengen. Hij zei dat hij een mooie tijd had gehad met zijn kinderen om hem heen, dat het eten heerlijk was en dat hij van ons hield.

De volgende dag was de dag waarvan ik dacht dat het de moeilijkste van mijn leven zou worden. WillemJan was rustig, had goed geslapen. Ik niet. Om 13.00 uur kwam de huisarts om een infuus aan te brengen. De kinderen, met kleine Marin, waar opa heel trots op was, gingen nog een wandelingetje maken.

Om 16.00 uur waren alle kinderen er en hebben we nog wat gepraat. Om 16.45 uur ging ik met WillemJan naar de slaapkamer. Hij zei nog tegen zijn zoon dat hij nu “de tunnel” in ging en stapte, na eerst nog een knuffel, in bed. Hij sliep eigenlijk al voordat de artsen er waren en voor hij slaapmedicatie had gekregen, in volledige overgave. Toen de artsen kwamen, kon WillemJan nog een klein teken van leven geven. Hij kreeg de slaapmedicatie en het euthanasiemiddel en is heengegaan, zoals hij zelf gezegd zou hebben. Het was euthanasie, maar het leek er meer op dat hij in zijn slaap was overleden.’


Marijke Scheele

Ontvang onze nieuwsbrief

We gebruiken cookies en andere technieken om uw bezoek aan onze site beter en makkelijker te maken. Maar dat betekent ook dat wij en andere partijen zoals Google meer over uw internetgedrag te weten komen dan u misschien fijn vindt.
Wilt u weten wat precies, kijk dan op onze 
Privacy- en cookieverklaring. En u mag natuurlijk altijd nee zeggen tegen cookies: dan werkt de site soms wat minder goed.